Overbelasting van de kniepees
('Apexitis patellae')
Inleiding
Een veel voorkomende blessure bij atleten is een overbelasting van de
pees(uitwaaiering) van de 'vier-koppige spier' (m.quadriceps) die over de knieschijf
heenloopt en aan het onderbeen aanhecht. De blessure komt het meest voor bij springers,
vandaar dat deze blessure ook wel 'springersknie' of 'jumpers knee' wordt genoemd.
Dat wil echter niet zeggen dat lopers of werpers deze blessure niet kunnen krijgen! Door
overbelasting van de pees van de m.quadriceps ontstaat drukpijn en zwelling, meestal aan
de onderzijde van de knieschijf. Soms treedt de pijn op aan de bovenzijde van de
knieschijf of ter plaatse van de aanhechting van de pees op het onderbeen.
In het beginstadium van deze blessure is er slechts sprake van een zeurend pijngevoel (de
ochtend) na een zware of langdurige training. Als er geen maatregelen worden genomen,
zullen ook pijnklachten optreden aan het begin van een training. Deze klachten zullen in
eerste instantie nog verdwijnen tijdens de warming-up, maar zullen na afloop van de
training weer terugkeren. Als er toch wordt doorgetraind kunnen er ernstige en langdurige
pijnklachten ontstaan die niet meer overgaan tijdens de warming-up. Uiteindelijk zal
springen en sprinten niet meer (goed) mogelijk zijn. Genezing van de blessure zal dan in
het algemeen vele maanden gaan duren.
Oorzaken van deze knieklachten
Meestal is een samenspel van factoren verantwoordelijk voor het ontstaan van deze
knieklachten:
- De matige doorbloeding van de pees, waardoor herstel na (kleine) beschadigingen slechts
langzaam verloopt.
- Overbelasting, waardoor deze (kleine) beschadigingen in het peesweefsel ontstaan. Deze
overbelasting wordt vooral in de hand gewerkt door:
- Niet of onvoldoende uitvoeren van een warming-up.
- Te korte of stijve spieren. Dit treedt op als de rekoefeningen niet of onvoldoende
uitgevoerd worden. Met name het uitvoeren van de rekoefening voor de spieren aan de
voorzijde van het bovenbeen is van belang bij het voorkomen van deze blessure.
- Te snelle trainingsopbouw, met name als hierin veel wordt gesprongen.
- Verkeerde afzettechniek, waarbij wordt 'gestemd' of 'geblokkeerd'.
- Dragen van sportschoenen met een slechte schokdemping (in combinatie met een harde
baan). Realiseer je dat de meeste spikes geen enkele schokdemping hebben!
- (Geringe) standafwijkingen van de onderbenen of de voeten (bijvoorbeeld
knik-platvoeten).
- Overgewicht ('te zwaar zijn').
- Niet uitvoeren van een cooling-down.
Hoe voorkom je deze knieklachten ?
Om deze knieblessure te voorkomen, is het raadzaam om onderstaande preventietips op te
volgen.
- Warming-up
Begin altijd een goede warming-up waarin, na een algemeen gedeelte, voldoende aandacht
besteed wordt aan de specifieke sprongvormen (minimaal 20-30 minuten). Voer daarna in elk
geval aangegeven rekkingoefening voor de spieren aan de voorzijde van het bovenbeen uit.
Let goed op de uitgangshouding. Hou deze houding zo'n 10 tot 15 seconden vast en herhaal
de oefening 2 tot 3 maal per been. Bij het uitvoeren van de rekoefening mag geen pijn
gevoeld worden!
- Goede trainingsopbouw
Zorg voor een goede trainingsopbouw. Voer de omvang en de intensiteit van de sprongkracht-
en sprinttraining zeer geleidelijk op en spreid deze over de verschillende trainingen. Bij
veranderingen van trainingsbelasting past de belastbaarheid van de pees zich langzaam aan.
Ook na een blessure- of ziekteperiode moet de training weer geleidelijk tot het oude
niveau worden opgevoerd.
- Spierversterkende oefeningen
Voer spierversterkende oefeningen uit. Vaak wordt in de gewone krachttraining al voldoende
aandacht besteed aan spierversterking van de m.quadriceps (kniebuigingen; opstappen). Als
een overbelasting van de kniepees is opgetreden, zullen alleen die oefeningen uitgevoerd
moeten worden, waarbij er geen pijnklachten tijdens of na de training optreden.
- Goede techniek
Besteed tijdens training en wedstrijd aandacht aan een juiste afzettechniek bij het
springen of het hordelopen 'Stemmen of blokkeren' is extra belastend voor de kniepees.
- Sportschoenen
Draag sportschoenen met een schokdempende zool en train bij voorkeur niet op een harde
ondergrond. Draag alleen spikes als je een specifieke sprong- of sprinttraining uitvoert.
Koop speciale (training)spikes waar een schokdempende zool onder zit. Soms is het
noodzakelijk om bij voetafwijkingen een speciale sportsteunzool te laten maken. Dit moet
dan wel door een orthopedisch schoenmaker op maat worden gemaakt.
- Cooling-down
Beëindig de training altijd met een cooling-down. Deze bestaat uit enkele minuten rustig
uitlopen en het uitvoeren van de rekkingoefening voor de spieren aan de voorzijde van het
bovenbeen.
Wat kan je doen als deze blessure (toch) is ontstaan ?
Wees alert op het begin van deze blessure. Een zeurende pijn tijdens of vlak na de
sportbeoefening is niet normaal! Volg, om erger te voorkomen, de hier onderstaande regels
op.
- Voer bovenstaande preventietips uit
- Pas de training aan
Vaak kan het tijdig aanpassen of stoppen van belastende trainingsvormen al voldoende om
een beginnende peesblessure te laten genezen. Je kunt toch nog goed in conditie blijven
door alternatieve trainingsvormen op te zoeken waarbij de knie niet te zwaar belast wordt,
zoals fietsen met een hoog zadel, aqua joggen of zwemmen met de borstcrawl.
- Spierversterkende oefeningen
Juist ook als deze blessure ontstaan is, zijn spierversterkende oefeningen van belang.
Voer deze oefeningen eerst onbelast uit waarbij de knie gestrekt blijft. Als voorbeeld:
span zittend of liggend de strekspieren van de knie aan met een gestrekte knie. Wissel 10
seconden aanspannen af met 10 seconden rust, zo mogelijk elk uur gedurende periodes van 5
minuten (bij pijn de oefening aanpassen). Als dat goed gaat, kun je andere oefeningen
uitvoeren waarbij je de knie vanuit een licht gebogen stand strekt.
- Koelen
Als de blessure in een beginstadium verkeert, koel de kniepees dan na de training zo'n 15
minuten met ijs. Doe dit bij voorkeur door met een ijsblokje over de pijnlijke plek te
masseren. Er kan ook voor gekozen worden om op de knie een coldpack of een plastic zakje
met kapotgeslagen ijsklontjes te leggen. Leg dan wel tussen de knie en de ijszak
bijvoorbeeld een theedoek ter voorkoming van huidbevriezing. Herhaal dit koelen zo'n 3 tot
5 keer per dag.
- Tape
De klachten tijdens het sporten kunnen (tijdelijk) verminderen als tijdens het sporten een
stukje tape onder de knieschijf wordt aangebracht. Vraag hierover advies aan een
fysiotherapeut of (sport)arts.
- Vraag sportmedisch advies
Als bovenstaande maatregelen niet binnen twee tot vier weken leiden tot een duidelijke
vermindering van de klachten, ga dan naar de huisarts of naar een (geregistreerd)
sportarts. Deze (sport)arts kan beoordelen welke behandeling voor jou het beste is. Je
kunt bij het Bureau Sportgeneeskunde Nederland opvragen waar bij jou in de buurt een
sportarts werkzaam is (tel.(030) 225 22 90 of www.sportgeneeskunde.com).